Het hart van Navajo-land, totembeer en Texasfood

Om half tien vertrekken we richting Horshoe Bend. Een natuurlijk gevormde bocht in de Colorado-rivier in de vorm van een hoefijzer. Als we aankomen staat het waarschuwingsbord al te knipperen: WARNING, EXTREME HEAT. We lopen de heuvel op met elk een flesje water in onze handen. Bovenaan staat een overkapping, daar is vast het schitterende uitzicht dat ons wacht. Daar aangekomen, blijkt dat we nog twee keer zover moeten. Heen naar beneden, terug dus naar boven. Ik loop met de jongens de route, wil hoe dan ook dat hoefijzer zien. En als we aankomen, ben ik weer verrast door de enormiteit van de aanblik. Het is zó groot dat het niet te vervatten is in woorden of foto’s.

Aan het begin van de middag worden we verwacht bij de Lower Antelope Canyon. Een veertig meter diep en iets langer dan een kilometer lange kloof. Het is er druk, maar op de een of andere manier vind ik dat de Navajo-gids er goed in slaagt een zeer authentieke begeleiding te geven, met veel aandacht voor de mensen in haar groepje. De kloof is ontstaan en verandert steeds door vloedgolven als gevolg van hevige regenval. Ze laat aan het einde van de route met een kleine hoeveelheid zand zien hoe het steen zich vormt en ook weer wordt afgebroken door weersinvloeden. De kleuren in de kloof worden gevormd door een combinatie van lichtinval en mineralen in het rode zandsteen. En alhoewel er dus drommen mensen lopen, lukt het me goed me wat af te sluiten voor die onrust en stil te staan bij wat de kloof voor de Navajo-Indianen betekent en raakt het me hoe zorgvuldig zij met dit stukje van Moeder Aarde omgaan.

Voor het avondeten wil ik nog even op zoek naar een klein souvenir. We rijden door de straat waar twaalf(!) verschillende kerkgenootschappen hun samenkomstruimten hebben: zevendedagsadventisten, baptisten, katholieken, mormonen, nazarenen, methodisten, you name it en het is er! Volgens mij zou het boeiend, leerzaam en verbazend zijn om hier op zondag door de straat te lopen. Want zowel de mormonen die we in Salt Lake City op het vliegveld zagen, als drie jonge vrouwen inde supermarkt vandaag, droegen kleding, die mij gevoelsmatig eeuwen terug de tijd bracht!

Ik kijk mijn ogen uit in de Trading Post: vooral de sjamanenmedicijnen en de Navajo-sieraden hebben mij interesse. Uiteindelijk koop ik twee kleine souvenirs; een ketting gemaakt van kleine gekleurde en grotere bruine kralen waarvan ik vanmiddag bij de ingang van Navajo-land van een oude dikke Indiaan vernam dat ik die grotere kralen in mijn dashboardvakje heb liggen. Ik verzamel wat natuurlijk materiaal van de plekken in Utah en Arizona om, op een geschikt moment er iets moois van te maken als dank voor de rijkdom die ik hier ervaar. Bij de tent had ik voorzichtig een klein takje met besjes van een soort conifeer gebroken. In die besjes blijkt een soort glanzend hout te zitten, waar de Navajo’s de grotere kralen van maken. Het andere souvenir is een kleine totembeer. Ik stond erbij toen ik werd opgelicht, en toch ben ik er blij mee. Ik geloof namelijk niet dat ie echt van jaspis, koraal en turquiose is, maar ik vond de dame er lief uitzien en het beertje betaalbaar. En het is niet het materiaal dat de beer tot mijn beschermer maakt, maar de intentie erachter.

We eten bij Big Johns Texas barbecue. Hysterisch en leuk! We schuiven aan aan lange tafels en banken, bestellen en krijgen beef brisket and spare ribs en zingen mee met Countryroad, take me home. De lucht wordt donkerder en donkerder, de wind steekt op, maar het blijft bloedjeheet en de stemming opperbest. Ik was in het hart van Navajo-land en zal het missen!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s