Het geheime leven van Guus

Het is alweer een tijdje geleden, dat ik een halve nacht wakker lag. Maar vannacht is het zo. Ik word om een uur of één wakker. En na een tijdje draaien, mijn adem tellen, luisteren naar het piepje van de onderkoelde koelkast in de garage en het onder ogen zien van al mijn angsten, besluit ik te doen wat ik zelden doe. Ik sta op.

Ik loop naar onze logeerkamer annex mijn werk- en Maankamer. De kamer van waaruit ik vannacht prachtig de Volle Maan kan zien. Er is een groot hoekraam in deze kamer, en tussen vintage bureau en boekenkast ligt een kussen op de vloer. Ik ga erop zitten, en poes Angie komt me spinnend gezelschap houden.

De Maan is echt superhelder. En gezusterlijk zitten we hier dan, in het schijnsel van die bijzondere bol. Ik stop het schapenvel, dat ik voor mijn verjaardag van mijn vader kreeg, comfortabel en warm in de holte van mijn rug tegen de zijkant van het boekenkastje. Precies waarvoor hij bedoeld is. En ik tuur, samen met de poes, naar buiten, op zoek naar bewegende schaduwen.

Ik heb twee poezen. Eén ervan zit nu dus naast me. Alhoewel zitten, ze is een beetje onrustig van haar vrouwtje, zo midden in de nacht naast haar. Ze springt van bureau op vensterbank en weer terug, balanceert tussen edelstenen en maanwater en kijkt nieuwsgierig naar de schaduw van mijn knot op de muur. Ik kijk naar buiten.

De straat is helder verlicht. Dat komt deels door de lantaarnpalen, maar vooral door de Maan. Ik denk terug aan die keer dat ik hier ook de halve nacht zat, zo’n anderhalf jaar geleden. Toen was er Volle Maan én Maansverduistering. Een bijzonder natuurverschijnsel, dat de échte start vormde van mijn lunatische levensfase. Ik kijk naar huis aan de overkant van de straat, waar een hoogzwanger stelletje woont. Zou die baby zich vannacht roeren?

Dan denk ik aan mijn andere poes, Guus. Ze zijn beiden Cypers, maar verder verschillen ze dag en nacht. Letterlijk. Angie Yin, Guus Yang. Angie, meisjesachtig rank en slank, slaapt ’s nachts in het holletje van mijn linkerarm. Guus, kerelstoer en stevig, slaapt overdag en gaat ’s nachts op pad. En deze weken gevolgd door een aanhoudende zwart met witte kater. Ik speur de straat af, op zoek naar hun glimp.

Een paar jaar geleden was er een documentaire op televisie over het geheime leven van Guus. Niet letterlijk van Guus. Maar wel van poezen die op pad gaan. Met een zendertje om hun nek werden hun omzwervingen gevolgd. Het schijnt dat poezen soort van vaste afspraken met elkaar hebben, wie waar wanneer loopt. Op zoek naar een muis, een lover of naar het schijnt, zelfs een tweede thuis,

Over een paar uur, als mijn wekker gaat en ik met Knoet ga wandelen, zal Guus onder onze auto zitten. En als ik de buitenlamp aandoe, zal ze naar het rechtervoorwiel komen, geduldig wachtend tot het moment dat ik de voordeur opendoe. Ze zal me geen blik verwaardigen, maar op witte kousenvoetjes naar de kamer lopen waar ik nu zit. Daar zal ze in een lange droomloze slaap vallen. Bijna tot de nacht weer valt. En dan; dan begint haar geheime feestje opnieuw.

Advertenties

Een gedachte over “Het geheime leven van Guus

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s