Dromen van verbinding

Twee jaar geleden deed ik het voor het eerst: een schrijfreis maken. Een schrijfreis bestaat uit –in dit geval- veertig dagen lang, schrijfopdrachten uitvoeren aan de hand van een boek. Eigenlijk gaat het niet over het verhaal in het boek. Dat is het opstapje voordat ik de kelder van mijn bewustzijn in duikel. Want dat is wat de opdrachten doen. Ze zetten me aan het denken, brengen herinneringen en dromen boven, roepen wensen tot leven, halen emoties naar de oppervlakte. En blijken, na die veertig dagen, gewoon ineens een heel rond en persoonlijk verhaal of gedicht op te leveren, zoals:

Liefde kent veertig regels

Op 24 juli begon mijn tweede schrijfreis, deze keer aan de hand van Verdriet is het ding met veren. Niet dat het allemaal over verdriet gaat hoor, integendeel. Het gaat vaak juist over leuke, vrolijke en fijne dingen, zoals meteen die eerste dag al: Zee van leven.

Inmiddels ben ik 76 dagen verder en net over de helft van de opdrachten. Want ook dat kan en mag. Dagen, of zelfs weken overslaan, als het niet uitkomt om te schrijven. Het geeft helemaal niets. Sterker nog, keer op keer dat ik wél aan het schrijven sla, blijkt het geen toeval te zijn dat ik juist op díe dag díe schrijfopdrachten krijg, en niet de dag ervoor of erna bijvoorbeeld. Om dat er dan ervaringen zijn geland, die een plaatsje verdienen in díe schrijfreis-dag.

Zo ook vandaag. Even over vijven piept Knoet zachtjes. Ik kreun. Omdat het té vroeg is. En omdat ik eigenlijk wel even naar het toilet zou willen gaan, maar al loop ik op mijn tenen, zij zal me horen en haar piepen luider laten klinken. Ik trek de deken over mijn hoofd en doe net alsof ik haar niet hoor en mijn blaas niet voel.

Om vijf over half zes sla ik het dekbed open en laat mijzelf uit bed rollen. Nek, schouders en rug van deze stramme achtenveertigjarige dwingen me tot het rollen, en Knoets aanhoudende quasi-zielige moppergeluidjes doen de rest. Niet veel later loop ik achter een vrolijk kwispelend staartje aan. Ik geloof dat ze me weer aardig heeft gefopt, want plassen doet ze ergens aan het eind.

Voordeel van zo’n vroege ochtendwandeling op zaterdagmorgen, is dat ik nog even heerlijk terug kan kruipen, terwijl Manliefs wekker gaat en ook Grote Zoon al vroeg op pad moet. Het is voor mij altijd een moment van terugkeer naar een dromenland, waarvan ik de reis meestal wél onthoud.

En zo komt het dus dat ik rond de klok van negen aan mijn bureautje zit, maar niet anders dan na een vast ritueel van kaarsjes en wierookje aansteken, passend muziekje selecteren, schapenvel over mijn stoel draperen en Knoet languit op het logeerbed toestaan.

En ook vandaag komt alles weer precies zó samen, dat er wel een ‘hand’ achter moet zitten: de conclusies van mijn Volle Maantritueel eergisteren vormen als vanzelf een toepasselijk gedicht in opdracht Twee, mijn droom van vanmorgen voegt zich naadloos in de opdrachten Een en Zes. Opdracht Drie zet de afgelopen zes jaar in perspectief en opdracht Vier brengt spreken, schrijven en zwijgen samen in een gedicht dat zich als vanzelf schrijft naar verbinding:

 

Zwijgen

Stilte zijn

Even helemaal niets

Om vandaaruit terug te

Komen vol

Verbinding

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s